API-keys en MCP
This content is not available in your language yet.
Een MCP-client is een AI-assistent die rechtstreeks met Muntar praat. Om dat te mogen heeft hij een API-key nodig. Die maak je aan onder “Instellingen” en dan “API-keys & MCP”. Elke key krijgt precies de rechten die je aanvinkt.
Alleen de eigenaar van de werkruimte kan keys aanmaken of intrekken.
Een scope is een afgebakend recht. Je vinkt er minstens één aan; vergeet je dat, dan zegt het scherm “Kies minstens één scope.”
| Scope | Wat de key ermee mag |
|---|---|
| “Lezen” | “Rekeningen, categorieën, transacties en netto vermogen opvragen.” |
| “Importeren” | “Een import voorbereiden en in staging zetten, nog niet boeken.” |
| “Import bevestigen” | “Een staged import definitief boeken, of terugdraaien.” |
| “Schrijven” | “Boekingen vastleggen en corrigeren, een klaargezette import beoordelen of weggooien, en categorieën, regels en rekeningen beheren.” |
De teksten hierboven staan zo op het scherm. De indeling volgt wat een aanroep beslist, niet hoe zwaar hij aanvoelt:
- “Importeren” leest een bankbestand en zet het klaar. Daarmee ligt nog niets vast: elke regel staat daarna open.
- “Schrijven” beslist. Daaronder vallen het beoordelen van de regels van een klaargezette import, het accepteren of negeren van de rest, het weggooien van zo’n import, het vastleggen van een losse boeking, het corrigeren van een geboekte regel, en het beheren van categorieën, regels en rekeningen. Ook de tools die alleen een voorstel of een wisselkoers wegschrijven horen hier.
- “Import bevestigen” boekt een klaargezette import definitief, of draait een geboekte import terug.
Die indeling levert één scherpe rand op: een klaargezette import weggooien valt onder “Schrijven”, terwijl een geboekte import terugdraaien onder “Import bevestigen” valt. Dat is geen vergissing. Bij het weggooien zijn de regels van die import nog niet geboekt en verdwijnt alleen een voorbereiding; bij het terugdraaien staan de boekingen in je boeken en komt er voor elke boeking een tegenboeking bij.
Of een tool eerst om bevestiging vraagt, staat los van de scope. Vastleggen, corrigeren en weggooien vragen het altijd, ook al vallen ze onder “Schrijven”; een voorstel of een wisselkoers wegschrijven vraagt het niet, want daar ontstaat geen boeking van. De volledige lijst, met per tool de scope en of hij om bevestiging vraagt, staat bij MCP-tools.
Geef een client niet meer dan hij nodig heeft. Een assistent die alleen vragen beantwoordt, heeft genoeg aan “Lezen”. Een assistent die je imports voorbereidt en indeelt maar nooit zelf mag boeken, krijgt “Lezen”, “Importeren” en “Schrijven” en juist niet “Import bevestigen”.
Een key aanmaken
Link naar de kop “Een key aanmaken”- Vul “Naam” in: de naam van de AI-agent die deze key gaat gebruiken. Die naam zie je later in de lijst terug.
- Vink de scopes aan die deze client nodig heeft.
- Klik op “Key aanmaken”.
Daarna verschijnt “Nieuwe key aangemaakt” met de key zelf en de waarschuwing: “Kopieer deze key nu. Je ziet ’m hierna nooit meer terug.” Gebruik “Kopiëren”; er verschijnt “Gekopieerd” als het gelukt is. Werkt dat niet, dan zegt het scherm “Kopiëren lukte niet automatisch. Selecteer de key hierboven en kopieer ’m handmatig.” Met “Ik heb ’m bewaard” laat je het blok verdwijnen.
Dat is de enige keer dat de key te zien is. Muntar bewaart alleen een onomkeerbare afdruk ervan, plus de eerste twaalf tekens om twee keys in een lijst uit elkaar te houden. Ben je hem kwijt, dan maak je een nieuwe aan en trek je de oude in.
Keys met dezelfde naam horen bij dezelfde agent-identiteit. Dat is handig als je een key vervangt: het spoor in het logboek blijft dan op één naam staan.
De lijst met keys
Link naar de kop “De lijst met keys”| Kolom | Wat er staat |
|---|---|
| “Naam” | De naam die je bij het aanmaken koos. |
| “Key” | De eerste tekens van de key, ter herkenning. |
| “Scopes” | Wat deze key mag. |
| “Laatst gebruikt” | Wanneer er voor het laatst mee gewerkt is, of “Nog niet gebruikt”. |
| “Aangemaakt” | Datum en tijd van aanmaken. |
| “Status” | “Actief” of “Ingetrokken”. |
Een key intrekken
Link naar de kop “Een key intrekken”Achter elke actieve key staat “Intrekken”. Muntar vraagt eerst: “Deze API-key intrekken? Dit kan niet ongedaan gemaakt worden.” Daarna staat de key op “Ingetrokken” en wordt hij bij de eerstvolgende aanroep geweigerd. De rij blijft in de lijst staan, zodat je later kunt zien welke key wanneer bestond.
Een client koppelen
Link naar de kop “Een client koppelen”Je hebt twee dingen nodig: het adres van de MCP-server van je Muntar-omgeving en de key die je net hebt gekopieerd. De server luistert op het pad /mcp en verwacht de key als bearer-token.
In Claude Code voeg je hem zo toe:
claude mcp add --transport http muntar https://<jouw-muntar-adres>/mcp --header "Authorization: Bearer <jouw-key>"Andere MCP-clients vragen om dezelfde twee gegevens: de URL en een Authorization-header met Bearer plus de key. Het adres van de MCP-server hoort bij je Muntar-omgeving; ken je het niet, dan vraag je het op bij TiemanIT.
Na het koppelen ziet de client alle tools van de server staan. De scopes bepalen welke daarvan hij ook echt mag aanroepen: mist de key de juiste scope, dan weigert de tool met een melding welke scope ontbreekt. Wat een client kan doen, staat op Wat een assistent kan doen.
Grenzen op het gebruik
Link naar de kop “Grenzen op het gebruik”Er gelden twee limieten op MCP-verkeer:
- 120 verzoeken per minuut per agent-identiteit. Meerdere keys met dezelfde naam delen dat budget.
- 300 verzoeken per minuut per IP-adres. Die telt ook voor verzoeken zonder geldige key.
Wie eroverheen gaat, krijgt een foutmelding die zegt na hoeveel seconden het opnieuw kan. Verder verandert er niets: dezelfde tools, dezelfde scopes.
Weigert een tool een waarde omdat hij de vorm niet kent, dan wordt er niets opgeslagen en komt die weigering in de probleemwachtrij te staan.